Babysokjes haken

vintage haakpatroon uit 1975

Dit haakpatroon voor babysokjes komt uit een handgeschreven handwerkboek uit 1975. Het oorspronkelijke patroon is in oude haaktermen beschreven. Ik heb de beschrijving uitgewerkt en vertaald naar moderne haakterminologie, met behoud van de oorspronkelijke opbouw van de sokjes. De babysokjes worden eerst met vasten gehaakt. Daarna wordt een reliëfrand gevormd met overlappende groepjes, waarna het werk door minderingen smaller wordt.

De afbeelding is een impressie op basis van het oorspronkelijke patroon en laat bij benadering zien hoe de babysokjes eruit kunnen zien.

Gebruikte steken

  • losse (l.)

  • vaste (v.)

  • omslag

  • groepje: haal een lus op uit elk van 3 opeenvolgende steken, maak een omslag en trek deze door alle lussen op de haaknaald. Haak 1 losse.

  • groepjes minderen: twee naast elkaar liggende groepjes worden samengehaakt. Haal hiervoor 5 lussen op over de 5 insteekplaatsen van de twee groepjes, maak een omslag en trek deze door alle lussen. Haak 1 losse.

  • picot: 3 lossen, daarna 1 vaste in de eerste van deze 3 lossen.

Patroon

Opzet

Haak 23 lossen.

Toer 1

Begin in de 2e losse vanaf de haaknaald.

  • Haak 2 vasten in de 2e opzetlosse.

  • Haak 1 vaste in elk van de volgende 9 lossen.

  • Haak 2 vasten in elk van de volgende 2 lossen.

  • Haak 1 vaste in elk van de volgende 9 lossen.

  • Haak 2 vasten in de laatste losse.

Totaal: 26 vasten.

Toer 2

Haak 1 losse en keer.

  • 2 vasten in de eerste vaste.

  • 10 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 2 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 10 vasten.

  • 2 vasten in de laatste vaste.

Totaal: 30 vasten.

Toer 3

Haak 1 losse en keer.

  • 2 vasten in de eerste vaste.

  • 11 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 4 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 11 vasten.

  • 2 vasten in de laatste vaste.

Totaal: 34 vasten.

Toer 4

Haak 1 losse en keer.

  • 2 vasten in de eerste vaste.

  • 12 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 6 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 12 vasten.

  • 2 vasten in de laatste vaste.

Totaal: 38 vasten.

Toer 5

Haak 1 losse en keer.

  • 2 vasten in de eerste vaste.

  • 13 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 8 vasten.

  • 2 vasten in de volgende vaste.

  • 13 vasten.

  • 2 vasten in de laatste vaste.

Totaal: 42 vasten.

Toer 6

Haak 1 losse en keer.

Haak in de achterste lus van iedere vaste 1 vaste.

Totaal: 42 vasten.

De voorste lussen van toer 5 blijven hierdoor vrij. Deze worden in de volgende toer gebruikt.

Toer 7 – groepjes

Haak 2 lossen.

Werk nu in de vrijgebleven lussen van toer 5.

Eerste groepje:

Haal een lus op uit elk van de eerste 3 vasten/lussen. Maak een omslag en trek deze door alle lussen op de haaknaald. Haak 1 losse.

Volgende groepjes:

Haal de eerste lus op uit dezelfde steek waarin de laatste lus van het vorige groepje werd opgehaald. Haal vervolgens 1 lus op uit elk van de volgende 2 steken. Maak een omslag en trek deze door alle lussen op de haaknaald. Haak 1 losse.

Herhaal dit tot je 20 groepjes hebt.

De groepjes overlappen dus:

  • groepje 1: steken 1–2–3

  • groepje 2: steken 3–4–5

  • groepje 3: steken 5–6–7

  • enzovoort.

Toer 8

Haak 2 lossen en keer.

  • Haak 8 groepjes.

  • Minder 1 groepje door de volgende 2 groepjes samen te haken: haal hiervoor 5 lussen op, maak een omslag en trek deze door alle lussen. Haak 1 losse.

  • Minder nogmaals op dezelfde manier.

  • Haak 8 groepjes.

Totaal: 18 groepjes.

Toer 9

Haak 2 lossen en keer.

  • 7 groepjes.

  • Minder 2 keer achter elkaar.

  • 7 groepjes.

Totaal: 16 groepjes.

Toer 10

Haak 2 lossen en keer.

  • 6 groepjes.

  • Minder 2 keer achter elkaar.

  • 6 groepjes.

Totaal: 14 groepjes.

Toer 11

Haak 2 lossen en keer.

  • 5 groepjes.

  • Minder 2 keer achter elkaar.

  • 5 groepjes.

Totaal: 12 groepjes.

Toer 12

Haak 2 lossen en keer.

  • 4 groepjes.

  • Minder 2 keer achter elkaar.

  • 4 groepjes.

Totaal: 10 groepjes.

Toer 13

Haak 1 losse en keer.

Haak 1 vaste op het stokje.

Herhaal vervolgens:

2 lossen, 1 vaste tussen de volgende 2 groepjes.

Ga hiermee door over de toer.

Toer 14

Haak opnieuw groepjes van 2 lossen.

Steek hiervoor in een vaste, haak een boogje van 2 lossen en steek vervolgens in de volgende vaste.

Opmerking: deze toer is in het oorspronkelijke handschrift niet volledig eenduidig geformuleerd. De bedoeling lijkt te zijn een toer met boogjes van 2 lossen tussen de vasten van toer 13. 

Toer 15

Haak 2 lossen en keer.

Haak op ieder groepje 1 groepje.

Toer 16 – picotrand

Haak 1 losse en keer.

  • Haak 1 vaste in elk van de eerste 2 steken.

  • Haak 3 lossen.

  • Haak 1 vaste in de eerste van deze 3 lossen. Hiermee maak je een picot.

  • Sla 1 steek over.

Herhaal vervolgens:

1 vaste in elk van de volgende 2 steken, 3 lossen, 1 vaste in de eerste van deze 3 lossen, 1 steek overslaan.

Herhaal tot het einde van de toer.

Hecht af.

 

Let op!

Dit patroon komt uit een handgeschreven handwerkboek uit 1975. Ik heb het oorspronkelijke patroon zo zorgvuldig mogelijk gelezen en omgezet naar moderne haakterminologie. Daarbij zijn de steken en stekenaantallen waar mogelijk gecontroleerd en teruggerekend.

Het patroon is echter nog niet volledig proefgehaakt. Vooral de beschrijving van toer 14 is in het origineel niet helemaal eenduidig. Daarom kan ik nog niet garanderen dat de moderne uitwerking op ieder punt precies overeenkomt met de oorspronkelijke bedoeling.

Wil je het patroon zelf uitproberen? Bekijk dan ook de foto's van het originele handgeschreven patroon hieronder. Zo kun je bij twijfel altijd teruggaan naar de oorspronkelijke beschrijving.

 

 

Deze gehaakte babysokjes komen uit een handgeschreven patroon uit 1975. Het patroon is zorgvuldig uitgewerkt en gemoderniseerd, maar nog niet volledig proefgehaakt. Daarom vind je op deze pagina ook het originele patroon terug, zodat je de oude beschrijving altijd kunt vergelijken met de moderne uitwerking.

Ontdek meer